Meiden Voetbal

Merel wil op voetbal. Ze heeft al verschillende sporten geprobeerd, maar nog niet gevonden wat ze echt leuk vindt. Een korte tenniscursus beviel niet. Ook ballet en wedstrijdzwemmen was het niet. Paardrijden leek haar leuk, maar de paarden vond ze toch te eng. Nu lijkt het haar leuk om te gaan voetballen.  Merels ouders vinden het een goed idee en haar moeder heeft geregeld dat ze alvast een keer kan komen kijken bij een training. Volgende week mag ze mee trainen. 

“Meiden Voetbal” verder lezen

Het Vogelhuisje

Het is drie uur in de middag. De school is uit en Tim loopt naar huis. Hij is niet blij, het was geen fijne dag. Meestal vindt Tim school wel leuk, maar vandaag was er een rekentoets en Tim houdt niet van rekenen, gewoon omdat hij het niet zo goed kan. Hij heeft al vaak en veel geoefend, ook thuis. Maar op de een of andere manier blijven die cijfers maar niet in zijn hoofd zitten. Een rekentoets maakt het allemaal niet makkelijker. Iedereen in de klas is gespannen, het is muisstil en de juf loopt de hele tijd door de klas. Dan is er ook nog de tijdsdruk. De toets moet op tijd af en Tim denkt altijd dat hij geen tijd genoeg heeft om alles af te maken. En hij had het ook niet helemaal af. Hij was bezig bij de laatste som toen de juf zei dat ze moesten stoppen. Natuurlijk heeft hij zijn best gedaan, maar hij heeft geen flauw idee of hij het goed gemaakt heeft. 

“Het Vogelhuisje” verder lezen

Schoonmaken

Marije was druk in de weer met een vochtig doekje. Ze hielp mama met schoonmaken. Dat vond ze altijd leuk om te doen. Mama had een emmer met warm water gepakt en er wat sop in gedaan. Marije had geroepen: ‘ik wil ook een doekje!’ Met een glimlach had mama twee doekjes in het water gedaan. Mama vond het ook erg gezellig als Marije mee wilde helpen met schoonmaken. Ze had een gezellig muziekje opgezet en nu waren ze druk in de huiskamer om alle kasten en de tafel schoon te maken. Marije mocht de salontafel doen. Omdat het water in de emmer erg warm was, had mama het doekje voor haar uitgeknepen. Ook kon Marije nog niet zo goed doekjes uitknijpen als mama, want ze was pas net 4 geworden. Het doekje mocht natuurlijk niet te nat zijn, want dan zou het een kliederboel worden, zei mama. 

“Schoonmaken” verder lezen

Disco

‘Als je in groep 6 zit, mag je ook naar de schooldisco,’ zei de moeder van Joeri. Joeri keek haar vragend aan. ‘Disco? Moet je dan dansen? Ik kan helemaal niet dansen en ik vind dansen stom. Ik hoef toch niet naar die disco?’ Mama moest lachen. ‘Je hoeft echt niet persé te dansen hoor, maar het wordt hartstikke leuk. Je zus vond het altijd geweldig. Je kan ook spelletjes doen en er is natuurlijk leuke muziek.’ Joeri vond het maar niks. Dansen was voor meisjes en hij was echt een stoere jongen. 

“Disco” verder lezen

Bang in het donker

Het is midden in de nacht als Yuri wakker wordt. Het is harstikke donker in zijn kamer. Waarom brandt het nachtlampje niet? Denkt hij. Slaperig kijkt hij zijn kamer rond. Wat is dat in die hoek daar? Het lijkt wel een monster! Yuri houdt niet van het donker, hij ziet altijd rare dingen en wordt dan heel erg bang. ‘Mama, mama!!’ roept hij. Maar mama hoort hem niet. Zachtjes begint Yuri te huilen. Hij is zo vreselijk bang en wil eigenlijk onder de dekens weg kruipen, maar dan kan hij dat monster niet in de gaten houden.

“Bang in het donker” verder lezen

Lotje en Saar

In een gezellig huis, met een fijn gezin wonen Lotje en Saar. Het zijn twee Franse buldogjes die er schattig uitzien. Ze zijn ook schattig, maar ook erg eigenwijs. Lotje is het meest eigenwijs, ze gaat graag haar eigen gang. Gelukkig hebben ze een lief baasje dat goed voor hen zorgt en hen goed in de gaten houdt. Vaak maken ze een flinke wandeling en mogen Lotje en Saar heerlijk rondrennen. Ze kunnen goed met elkaar spelen en andere honden vinden ze ook erg leuk. Lotje vindt het heerlijk om in het bos te wandelen. Er is daar zoveel te zien en te ruiken. Saar vindt dat ook wel leuk, maar zij houdt er ook erg van om lekker thuis in haar mandje te liggen, of op de bank bij het baasje. Saar is snel tevreden, zij is dan ook al iets ouder dan Lotje. 

“Lotje en Saar” verder lezen

De zeemeermin en de piraten

Er was eens een zeemeermin. Ze heette Leni en woonde met haar familie in de Grote Oceaan. Leni speelde graag met haar vriendinnetjes. Ze hadden een leuk spelletje bedacht, waarbij ze met zeesterren overgooiden. Eén zeemeermin was dan de Ster, zij moest de zeester proberen te pakken. De meisjes vonden dat een geweldig leuk spel. Jammer genoeg was de zeester het vaak al snel beu. Dan moesten ze weer een andere zeester zoeken. Ook vonden ze het leuk om lekker te kletsen en eindeloos hun mooie lange haren te kammen. Ze hadden het goed in de zee. Het was er warm en licht en er was altijd genoeg te eten.

“De zeemeermin en de piraten” verder lezen

Naar de tandarts

Siem moet naar de tandarts. Het is maar een gewone controle, maar hij vindt het heel eng. Zijn moeder zegt dat het helemaal niet eng is, dat de tandarts alleen maar even gaat kijken naar zijn tanden. Siem wil niet dat er iemand naar zijn tanden kijkt. Hij begrijpt niet waar dat voor nodig is. Het gaat prima met zijn tanden. Ze zijn heel sterk en hij kan er goed mee kauwen. Mama poetst zijn tanden iedere dag, wel twee keer. Omdat hij dat wel leuk vindt, doet hij zijn mond altijd heel wijd open. Mama is dan trots op hem, omdat hij zo goed zijn tanden laat poetsen. Ook mama zegt dat hij hele mooie tanden heeft, dus waarom moet hij dan naar de tandarts?

“Naar de tandarts” verder lezen

Verliefd

Marit wordt zwetend wakker. Ze gooit het dekbed van zich af. Wat een verschrikkelijke droom was dat! Verward kijkt ze om zich heen. Haar kamer is donker en het is heel stil. Op haar wekker ziet ze dat het pas kwart over drie is. Ze probeert zich haar droom te herinneren, maar dat lukt niet. Alleen flarden van de droom komen terug in haar geheugen. Het was afschuwelijk, dat weet ze wel. Ze was op de vlucht en rende keihard, maar voor wat of voor wie? Net toen ze dacht dat ze gepakt zou worden, omdat ze niet meer kon rennen door de steken in haar zij, werd ze wakker. Waar rende ze toch zo hard voor weg? En waar was ze eigenlijk? Ze probeert de beelden terug te halen in haar hoofd, maar op de een of andere manier lijken ze allemaal verdwenen. Hoe raar is dat toch altijd met dromen? Je voelt je afschuwelijk, maar je kan je niet meer precies herinneren waardoor het gevoel is ontstaan. In het donker staart ze naar het plafond. Ineens komt er weer een beeld boven. Het waren een paar vriendinnen uit haar klas die haar achterna zaten. Maar waarom dan?

“Verliefd” verder lezen

Ziek

Naomi lag te slapen op de bank. Haar moeder voelde dat ze heel warm was en hoorde haar zware ademhaling. Moeder maakte zich zorgen. Naomi was al een paar dagen flink ziek. Ze sliep veel, maar de koorts wilde niet echt zakken. Zachtjes aaide ze Naomi over haar warme hoofdje. ‘Word maar snel beter,’ fluisterde ze. Naomi draaide zich om en deed langzaam haar ogen open. ‘Ik ben al beter denk ik mama,’ zei ze zachtjes. Moeder keek haar glimlachend aan. ‘Voel je je beter lieverd?’ vroeg ze hoopvol. Naomi knikte. ‘Ik kan wel eens gaan spelen, in plaats van slapen!’ zei ze stoer en ze sloeg de deken van zich af. Moeder hielp haar haar sloffen aan te doen. Naomi stond op en ging direct weer zitten. Beteuterd keek ze haar moeder aan. ‘Mijn benen lijken wel net zo slap als spaghetti.’ Tranen vulden haar ogen. Moeder sloeg een arm om haar heen. ‘Dat is wel een beetje logisch. Je bent al een paar dagen ziek. Je hebt nauwelijks gegeten en misschien heb je nog wel wat koorts. Je lijfje moet nog sterker worden. Zal ik iets te eten voor je halen?’ Naomi knikte bedroefd. Ze had wel honger. ‘Ik zou wel een beetje fruit lusten,’ zei ze. 

“Ziek” verder lezen