Groep 3

Een speciaal verhaaltje voor Melle

Het is al een poosje mooi weer en Melle is al een hele tijd thuis. Niet omdat het vakantie is, maar omdat de school niet open mag door een virus. De afgelopen weken is hij wel weer een paar keer op school geweest, dat vond Melle erg leuk. Omdat het zo mooi weer is, lijkt het wel zomer. ‘Na de zomer ga ik toch naar groep 3? Dat is dan al bijna?’ vraagt Melle aan zijn moeder. Mama glimlacht. ‘Je gaat inderdaad naar groep 3, maar het is nog geen zomer, je moet nog een paar maanden wachten voordat je naar groep 3 mag,’ zegt ze. Melle kijkt haar vragend aan.

‘Maar we hebben al gezwommen buiten en ik heb een korte broek aan en het is te warm om te slapen. Dan is het toch zomer?’ ‘Het weer is inderdaad wel zomers, maar de echte zomer moet nog beginnen. Je mag nog een paar weken naar school in groep 2 en dan begint de zomervakantie. Als die is afgelopen, dan ga je naar groep 3.’ Melle kan niet wachten. In groep 3 ben je echt groot en stoer. Dan leer je lezen en schrijven enzo. Melle kan al wel een klein beetje lezen. Hij kent alle letters en korte woordjes kan hij goed lezen. Schrijven vindt hij nog wel heel moeilijk. Het ziet er gemakkelijk uit, als mama wat opschrijft, maar als hij het zelf probeert lukt het nog niet heel netjes. 

‘Maar wat nou als ik nooit goed kan schrijven, mama? Het is zo lastig. Straks kan ik het helemaal niet. En lezen dan? Jij doet dat zo snel. Misschien kan ik dat ook wel helemaal niet.’ Melle kijkt ineens verdrietig. Groep 3 lijkt hem leuk, maar stel nou dat het allemaal veel te moeilijk is voor hem. Mama slaat een arm om hem heen. ‘Ik weet zeker dat jij ook kan leren lezen en schrijven. Maak je nu nog maar geen zorgen erover. Het duurt nog echt een hele poos voordat je naar groep 3 gaat en dan ben je weer groter en dan kan je het echt wel.’ Stelt ze hem gerust. Melle weet het niet, hij vindt het ineens een reuze spannend idee om naar groep 3 te gaan. ‘Ga nu maar lekker buiten spelen, misschien vind je nog wel bijzondere diertjes in de tuin,’ zegt mama. 

Melle loopt de tuin in. Hij is dol op dieren, grote en kleine. Hij houdt ook van mooie bloemetjes en bijzondere bladeren. Vooral in de herfst vindt hij het leuk om hele mooi en bijzondere bladeren te verzamelen. Maar dat kan nu niet, want het is zomer, of lente, maar zomers warm. Bij de bloemetjes in de tuin hoort hij bijen en andere insecten zoemen. Op een afstandje gaat hij zitten kijken naar de bijen die razendsnel van bloem naar bloem vliegen. Hij vindt het bijzonder om te zien hoe snel ze dat doen. Vlak naast hem op het gras landt een musje. Melle blijft heel stil zitten om het beestje niet weg te jagen. Hij weet dat mussen niet heel erg bang zijn, ze zijn een beetje brutaal soms, want als je niet oplet, eten ze zo de kruimels van je bordje op. Melle vindt dat wel leuk, van die brutale vogeltjes, die nergens bang voor lijken te zijn. Hij kan het musje goed bekijken, het zit echt heel dichtbij. Maar dan klinkt er geritsel in de struiken. De bijen vliegen op en de mus fladdert weg. Het is de poes van de buren, die onder de heg door gekropen komt. ‘Foei Minoes, je jaagt alle dieren weg!’ roept Melle. Maar hij vindt Minoes ook lief, dus hij kan niet lang boos blijven. ‘Kom maar, dan zal ik je aaien,’ zegt hij. Minoes houdt ervan om geaaid te worden en komt gezellig tegen Melle aan liggen. ‘Nou niet meer bewegen, dan komen de bijen en de vogels vast weer terug,’ zegt Melle. Al snel ziet hij wat bijen aan komen vliegen, die weer druk aan het werk gaan bij de bloemetjes. De mussen blijven weg. Dat snapt Melle dan ook wel weer. Mussen kunnen heel brutaal zijn, maar met een poes in de buurt blijven ze toch liever weg. Slimme beestjes zijn het eigenlijk wel!

Terwijl Melle lekker zit te genieten van Minoes en de bijtjes, en het heerlijke weer, wordt hij geroepen door zijn moeder. ‘Kom je eten Melle?’ Melle geeft Minoes nog een knuffel en loopt naar binnen. Hij heeft helemaal niet meer gedacht aan lezen en schrijven en heeft genoten van het buiten zijn. Als hij met zijn moeder aan tafel zit om een boterhammetje te eten zegt ze: ‘Als je het lezen en schrijven spannend vindt, dan kunnen we wel vast wat oefenen op de dagen dat je niet naar school hoeft.’ Melle kijkt op van zijn boterham met hagelslag. ‘Oefenen?’ vraagt hij. ‘Ja, er zijn heel veel leuke en gemakkelijke boekjes om te leren lezen. En samen kunnen we ook het schrijven oefenen,‘ antwoordt zijn moeder. ‘Nee hoor, dat gaan we niet doen. Ik leer dat vast allemaal in groep 3.’ Zegt Melle. Hij moet er niet aan denken om thuis nog meer schoolwerk te doen. Hij zit liever in de tuin bij de diertjes en de planten. ‘Alle grote mensen kunnen toch lezen en schrijven? Dan zal ik het vast ook wel kunnen,’ zegt hij vastberaden. Zijn moeder moet lachen. ‘Dat heb je goed bedacht, Melle. En zo is het. Ook jij gaat het vanzelf leren!’ 

Melle voelt zich een stuk beter. Ineens begrijpt hij ook niet meer waar de lichte paniek vandaan kwam die ochtend. Hoe kon hij nou denken dat hij het niet zou kunnen?

Nicole Martens, juni 2020

Eén antwoord op “Groep 3”

  1. Beste Nicole

    Wat een mooi verhaal heb je gemaakt voor Melle.
    Zo herkenbaar ook met de verwarring of het nu lente of zomer is en waarom.
    Alsof het echt over onze Melle gaat.
    Ontzettend bedankt.
    We zullen het verhaal een mooi plekje geven.
    Hartelijke groet
    Nynke

Laat een reactie achter op Nynke Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.