Millie en Tinus

Tinus en Millie staan met een heleboel andere ganzen bij een water in Siberië. ‘Ik denk dat het tijd is om te gaan,’ zegt Tinus. Millie knikt. Zij had ook al gemerkt dat er minder te eten is en dat het kouder wordt. ‘De winter komt nu snel, we moeten naar het zuiden reizen,’ zegt ze. Ieder jaar, als de herfst begint, vliegen alle ganzen uit Siberië helemaal naar Nederland. In Nederland blijft het gras lang groen en bevriest het water nooit overal. Een prima plaats om te overwinteren. Tinus roept tegen de anderen: ‘We gaan vertrekken. Is iedereen er klaar voor?’ Er klinkt een luid gakken. De ganzen zijn klaar voor de lange reis naar Nederland. De reis is zo’n 3000 kilometer. Daar doen ze ongeveer 5 dagen over. Soms stoppen ze halverwege, om even uit te rusten en wat te eten. Vaak vliegen ze het hele stuk in 1 keer door. 

Tinus stijgt op en de grote groep ganzen volgt hem. In de vorm van een grote V vliegen ze door de lucht. Onderweg wordt er gezellig gebabbeld. ‘Wat is het toch altijd heerlijk om de lange reis weer te maken!’ roept Millie uitgelaten. Ze houdt van vliegen en is trots op haar kuikens, die in de zomer zijn geboren en nu ook met de grote groep meevliegen. Tinus vindt de reis ook altijd erg leuk, maar voelt zich ook erg verantwoordelijk omdat hij helemaal vooraan vliegt. Het is extra zwaar om daar te vliegen, hij heeft de meeste tegenwind, maar hij weet dat door de vorm waar ze in vliegen, de andere ganzen makkelijker mee kunnen. Hij geniet van de aanmoediging die hij krijgt van de ganzen die helemaal achteraan vliegen. ‘Het gaat goed Tinus, ga zo door!’ roepen ze om beurten. 

Het land onder hen wordt steeds groener. In Siberië was alles al wat grauw en dor. Door de kou groeit het gras daar niet meer. De ganzen hebben dan weinig te eten. ‘Van hierboven kun je zo mooi zien waar de goede plaatsen zijn om even de landen,’ zegt Millie verrukt. Ze ziet een grote plas met groene oevers. Het ziet er heel aantrekkelijk uit. ‘Kunnen we hier niet even stoppen Tinus?’, vraagt ze. Maar Tinus vindt het geen goed idee. ‘We moeten nog een heel eind vliegen, de reis is nog lang. Laten we nog maar een stuk verder gaan, voordat we pauze nemen.’ Millie is een beetje teleurgesteld. Ze vindt het juist zo leuk om onderweg overal even te landen en rond te snuffelen. Dat maakt de reis veel leuker. Vliegen is heerlijk, maar nieuwe plaatsen ontdekken is ook erg leuk. Tinus zal het wel weten, denkt ze. Hij is al wat ouder en heeft de reis al vele vaker gemaakt. 

Niet veel later wordt de lucht ineens heel donker. Het gaat waaien en plotseling begint het hard te regenen. De ganzen hebben het moeilijk. De stevige tegenwind zorgt ervoor dat ze veel energie nodig hebben om vooruit te komen. Tinus raakt uitgeput. ‘We moeten landen!’ roept hij boven het lawaai van de wind uit. Op dat moment zien ze ook een lichtflits door de lucht schieten. Een harde klap volgt. ‘Oh, onweer! Ik ben zo bang voor onweer!’ roept Millie met bibberende stem. Ze kijkt naar beneden, op zoek naar een goede plaats om te landen, maar ze ziet de grond helemaal niet omdat het zo donker is en het heel hard regent. ‘Waar moeten we landen Tinus, ik zie niks!’ roept ze benauwd. Ook Tinus ziet niks door de zware regenval. De ganzen in de groep zijn ineens heel stil. Ze hebben het zwaar en wachten af wat de leider van de groep gaat doen. Even denkt Tinus dat het een goed idee is om boven de zware regenwolken te gaan vliegen en hij stijgt. Maar de wolken zijn te hoog, de wind is te krachtig en Tinus heeft niet veel kracht meer. ‘We gaan naar beneden, we vinden vast wel iets!’ roept hij. De ganzen volgen hem naar omlaag. Als ze dichter bij de grond komen zien ze heel veel huizen. Blijkbaar vliegen ze boven een grote stad. Het ziet er niet aantrekkelijk uit voor de ganzen om midden tussen de huizen te landen. Het is daar niet veilig voor hen, ze moeten een plas of meertje vinden. Een brede sloot zou ook al goed zijn. Zenuwachtig vliegen ze verder. Midden in de stad zien ze ineens water, een parkje. Het is niet groot, maar groot genoeg om met zijn allen even te blijven. 

Tinus is blij dat hij met beide pootjes op de grond staat. Ook al is hij een vogel die houdt van vliegen, soms is het gewoon fijn om even niet te hoeven vliegen. De ganzen blijven dicht bij elkaar. Ze eten wat en gaan dan met zijn allen het water in om te overnachten. Ganzen slapen op het water, dat is veilig. Ze kunnen dan niet gepakt worden door roofdieren, als die er zijn. 

Halverwege de nacht houdt het op met regenen. De wind wordt minder hard en het onweer is ver weg. Millie is er even wakker van geworden. Ze is blij dat ze de druppels niet meer op haar veren voelt spatten. Ze kijkt om zich heen. Het is nog donker en heerlijk rustig. Alle ganzen slapen nog en ze doet gauw haar ogen weer dicht. Niet veel later wordt ze weer wakker van allerlei geluiden. Toeterende auto’s, pratende mensen, blaffende honden. Ze kijkt om zich heen. Het park is ineens vol met mensen. ‘Wat een drukte!’ roept ze verbaasd. De andere ganzen zijn het met haar eens. Ganzen houden niet zo van heel veel drukte. ‘Laten we verder vliegen,’ besluit Tinus. Hij heeft goed geslapen en genoeg kracht om het laatste deel van de reis te maken. Luid gakkend vliegen de ganzen uit het water omhoog, in V vorm de lucht in. Ze worden nagekeken door veel mensen die niet vaak zoveel ganzen in het park hebben gezien. 

Het laatste deel van de reis gaat heel goed. Na nog drie dagen vliegen zijn ze bij het meer waar ze al jaren overwinteren. Millie vindt het fijn om weer op een bekende plek te zijn. Reizen vindt ze heerlijk, maar bekende plekjes zijn toch ook fijn. ‘Eigenlijk vind jij alles wel leuk,’ grapt Tinus, die Millie blij ziet kijken. Millie knikt. ‘Ja, da’s waar. Ik houd van reizen, van nieuwe plekjes maar ook van bekende plaatsen. Grappig eigenlijk, dat had ik zelf nooit zo opgemerkt!’ Samen moeten ze hard lachen. Het wordt vast een gezellige winter!

Nicole Martens, oktober 2019 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.