Plezier in de tuin

Een speciaal verhaaltje voor Ties en Saar

De lente is begonnen. Eindelijk, want Ties en Saar zijn graag in de tuin. In de winter was het heel vaak erg nat, het regende vaak of het waaide heel hard. Dan was het niet fijn om in de tuin te zijn. Maar nu schijnt de zon en kan de tweeling weer lekker naar buiten. In de tuin zoeken ze naar kleine diertjes. Met hun kleine vingertje peuteren ze in de aarde om piertjes te vinden. Onder kleine stenen vinden ze vaak kevertjes en torretjes. Ties vindt het vooral heel grappig om te zien hoe snel de kleine beestjes bewegen en alle kanten uit lopen. Saar vindt het leuk om een piertje op haar hand te laten kruipen want dat kriebelt zo leuk. 

‘Mogen we een bakje, mam, dan kunnen we een paar kevertjes vangen?’ Vraagt Ties. ‘Dat mag wel, maar je moet de kevertjes ook weer uit het bakje laten straks, want anders is het zielig.’ Ties knikt. ‘Natuurlijk laten we ze weer vrij, het zijn toch geen huisdieren,’ zegt Saar wijs. Moeder haalt een klein glazen potje uit de keuken. ‘Hier kunnen ze in, dan kan je ze goed bekijken,’ zegt ze terwijl ze het potje aan Ties geeft. Saar en Ties zoeken in de aarde naar kleine beestjes en proberen ze in het potje te krijgen. Maar dat is nog niet zo gemakkelijk. Telkens glippen ze weer van hun handjes af nog voordat ze in het potje zitten. ‘Misschien moeten we wat aarde in het potje doen,’ zegt Ties. Saar denkt even na, dan zegt ze: ‘Nee, dan zien we ze niet goed als ze in die aarde gaan kruipen. We moeten het potje gewoon op het zand zetten. Dan lijkt het net alsof er aarde inzit en als de beestjes er dan inzitten dan tillen we het potje op en kunnen we ze ook aan de onderkant bekijken.’ ‘Wat een goed idee!’ roept Ties. Ze zetten het potje op de aarde en eindelijk lukt het om er een klein kevertje in te krijgen. Benieuwd naar hoe zo’n beestje er aan de onderkant uitziet, tillen ze het potje op. ‘Kijk, die pootjes!’ giechelt Saar. Ties vindt het machtig interessant. ‘Kom, we zoeken nog andere beestjes,’ zegt Saar. Ze vindt even later een lange pier. Die gaat gemakkelijk in het potje. ‘Oh, maar straks eet die worm de kever op!’ roept Ties ineens verschrikt. Saar schrikt ook. ‘Eten wormen kevertjes dan?’ vraagt ze aan haar broertje. Ties haalt zijn schouders op. Hij weet het niet. 

Ties en Saar rennen met het potje naar hun moeder. ‘Mam, mam, we hebben een kever en een pier in het potje, maar kan dat wel of gaat die pier nu het kevertje opeten?’ Moeder lacht. ‘Ik heb geen idee,’ zegt ze, ‘maar wacht, ik zoek het even op.’ Mama tikt wat op haar telefoon, ze heeft het snel gevonden. ‘Nee hoor, pieren of regenwormen, zo heten ze eigenlijk, eten alleen maar plantenresten en blaadjes, dus geen levende diertjes.’ Ties en Saar halen opgelucht adem. ‘Moet je kijken mam, hoe dat kevertje er aan de onderkant uitziet, het is echt heel grappig,’ Ties duwt het potje onder moeders neus. ‘Nou, dat is leuk om te zien!’ zegt moeder verrast. ‘We gaan nog meer diertjes zoeken, kom Saar,’ zegt Ties en ze huppelen terug de tuin in. 

Even later zit het potje vol met een miertje, twee kevertjes, de regenworm en nog een beestje waarvan ze niet goed weten wat het is. ‘Leuk he, al die beestjes bij elkaar? Zullen we er wat gras bij doen, dan hebben ze wat te eten,’ zegt Saar. ‘Ja, maar niet te veel hoor, want dan zien we ze niet meer,’ antwoordt Ties. Ze plukken wat grassprietjes en doen die in het potje. ‘Het is net een klein tuintje zo!’ roept Saar verrukt. Ze gaan het potje weer aan moeder laten zien. ‘Kijk, het potje is net een klein tuintje nu mam,’ zegt Saar. Moeder kijkt naar het volle potje. ‘Heel gezellig, jullie hebben ook een pissebed gevonden zie ik.’ Saar en Ties kijken elkaar aan en moeten dan allebei hard lachen. ‘Hahaha, een pissebed, wat een rare naam! Pist die in zijn bed dan?’ roept Ties luid. ‘Nou, Ties!’ zegt moeder, maar ze moet er ook wel om lachen. ‘Vroeger dacht men dat deze beestjes konden helpen als je moeilijk kon plassen, daarom heten ze pissebedden,’ vertelt moeder. Ties en Saar vinden het maar raar. 

‘Ik denk dat het wel fijn is voor de beestjes als ze nu weer uit het potje mogen, ik zal er nog een foto van maken en dan halen jullie de beestjes er weer uit, afgesproken?’ Saar en Ties knikken. Moeder maakt een foto en de tweeling neemt het potje weer mee naar buiten. 

Saar probeert eerst de pier uit het potje te halen, maar haar vingertjes zijn te kort. ‘Ik kan er niet bij!’ roept ze verschrikt. ‘Hoe krijgen we de beestjes er nu weer uit?’ Ties houdt het potje een beetje schuin, zo kan Saar net bij de worm. Ze haalt hem uit het potje en zet hem weer op de aarde, waar hij snel de grond in glipt. Dan proberen ze de andere beestjes er voorzichtig uit te halen. Het miertje loopt heel snel alle kanten op en is niet te pakken te krijgen. Ook de kevertjes zijn niet van plan om op de in het potje uitgestoken vingertjes te kruipen. De pissebed vinden ze allebei een beetje vies, nu ze weten hoe hij heet, dus durven ze hem niet te pakken. ‘Zullen we een blaadje in het potje doen, dan lopen ze daar misschien wel op?’ stelt Ties voor. Saar zoekt direct een vers groen blaadje in de tuin, maar die zijn er nog niet zo veel. Uiteindelijk vindt ze een laurierblaadje, die worden nooit bruin in de herfst. Ze laten het blaadje half in het potje zakken en houden het goed vast aan de bovenkant. Alleen de mier kruipt erop, de kevertjes en de pissebed moeten niks van het blaadje hebben. ‘Misschien met een stokje?’ oppert Saar. Ties knikt. Saar zoekt een stokje en breekt uiteindelijk een takje af van een struik in de tuin. Het takje gaat half in het potje, maar de diertjes willen er niet opkruipen. ‘Oei, we krijgen ze er nooit meer uit!’ zegt Saar. ‘Misschien heeft mama nog een idee,’ zegt Ties. 

Weer lopen de kinderen naar binnen. ‘Mam, de kevertjes en de pissebed willen maar niet uit het potje. We hebben het al met een blaadje geprobeerd en met een takje.’ Moeder denkt even na. ‘En als je het potje nou heel voorzichtig boven het zand omkeert?’ vraagt ze. ‘Oja, natuurlijk! Dan vallen ze er vanzelf uit!’ roept Saar. Snel rennen ze weer naar buiten. Eerst leggen ze het potje op de zijkant en als de beestjes allemaal aan de zijkant zitten, zetten ze het potje op zijn kop op het zand. De kevertjes en de pissebed rollen zachtjes op het zand. ‘Zo, gelukkig, ze zijn allemaal weer vrij,’ verzucht Ties. Hij had het wel even benauwd gekregen toen ze de beestjes er niet uit kregen. Saar is ook opgelucht. ‘Het was wel heel leuk hè Ties, morgen weer?’ Ties knikt, hij vond het ook heel leuk. ‘Maar dan wel andere diertjes, ik wil nog graag een duizendpoot goed bekijken.’ Saar is het helemaal met hem eens. ‘Morgen zoeken we een duizendpoot.’ 

Nicole Martens, april 2020 

6 antwoorden op “Plezier in de tuin”

  1. Wat een ontzettend leuk verhaaltje! Leerzaam ook. Ties en Saar zijn onze buurkinderen. Ze noemen ons opa en oma en dat vinden we erg leuk. We horen ze heel vaak in de tuin bezig met insecten, dus dit verhaaltje is hélemaal ‘in de roos’. Wat zullen ze dit leuk vinden. Erg veel dank!

    1. Zojuist het verhaal ingesproken via ‘Marco Polo’, dus met beeld erbij. De kleinkinderen, die op afstand wonen, gaan er vast plezier aan beleven. Dank!

        1. Onze kleinkinderen (7 en 4) hebben er volgens hun mama (onze dochter) met plezier en interesse naar geluisterd. ‘t Zit er dik in dat er in de tuin naar kleine diertjes gezocht gaat worden. Inmiddels is (beetje mosterd na de maaltijd) ook het tweede verhaal ingesproken, dat zal ook wel in de smaak vallen want ze hebben 5 kippen, die af en toe een ei produceren, achter in de tuin.

      1. Wat leuk dat dit ook een mooi verhaal is voor uw kleinkinderen! Ties en Saar hebben er van genoten … ik had het verhaal ook voorgelezen en de geluidsopname via whatsapp doorgestuurd. Jammer hoor, want lekker naast elkaar op de bank kan ivm Corona helaas niet. Hun mama heeft het verhaal uitgeprint, voor later … in het plakboek☺️

  2. Mijn kleine meid vond het erg leuk dat het ‘verlossen’ van de beestjes zo’n issue kon zijn

    Groetjes van Éliva

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.