Een gevaarlijke dinosaurus

Een speciaal verhaaltje voor Efe

Heel, heel lang geleden, toen er nog grote dinosaurussen leefden, gebeurde er op een dag iets heel bijzonders. Efe was buiten, zoals bijna altijd. Hij woonde in het bos tussen de dieren, hij was niet anders gewend. Hij woonde in een klein dorpje van houten hutjes, waar ook de dieren tussen de mensen woonden. Er waren konijntjes, soms een vosje, poezen en honden, maar ook veel muisjes en heel veel insecten. Er was een klein watertje, een soort ven, waar watervogels leefden en vissen zwommen. Efe leerde veel van de dieren, hij begreep hen en hielp hen als ze in nood waren. 

“Een gevaarlijke dinosaurus” verder lezen

Hans de kever

Amalia was niet zo dol op kleine beestjes. Nu het weer lente werd, kwamen de vliegen en spinnetjes weer tevoorschijn. Alles wat van die kleine zwarte pootjes heeft vond Amalia vies en eng. Vooral spinnen vond ze afschuwelijk, maar soms zaten er ook van die kleine zwarte beestjes, die langs de plint liepen, die vond ze het aller engste. Haar moeder zei dat het kevertjes waren en dat ze echt niks doen, maar Amalia moest er niets van hebben en elke keer als ze een spin of een kever of iets anders zwarts zag dat bewoog, riep ze hard om haar vader die dan het beest in kwestie kwam verwijderen, terwijl zij op haar bed met haar voeten in de lucht lag. Gelukkig hadden ze in huis niet heel veel beestjes, want haar moeder stofzuigde vaak en hield alles goed schoon, maar in het voorjaar leek het wel of alle diertjes uit hun winterslaap tevoorschijn kwamen. 

“Hans de kever” verder lezen

Adham en de draak

Op een dag liep Adham met zijn vriendje Pax door het bos, toen ze een wel heel bijzonder geluid hoorden. Oorverdovend was het eigenlijk. Adham en Pax schrokken er enorm van. Daarbij roken ze ook een sterke brandlucht. Adham en Pax keken elkaar aan. ‘W-w-wat is dat?’ stotterde Pax. ‘Ik heb geen idee, maar het ruikt naar avontuur!’ zei Adham opgewonden. Hij was al snel over de schrik heen en wilde heel graag gaan kijken wat er in het bos zo’n oorverdovend geluid had gemaakt. ‘Kom, we gaan op onderzoek uit!’ zei hij. Pax keek hem verontwaardigd aan en zei: ‘Dacht het niet Adham, dit klinkt echt heel gevaarlijk. Laten we onze vaders gaan halen!’ en hij wilde al omkeren om terug naar huis te lopen. Maar Adham hield hem tegen. ‘Nee joh, we kunnen toch eerst zelf even gaan kijken wat het is? Kom!’ en hij trok Pax mee, dieper het bos in.

“Adham en de draak” verder lezen

Het Monsterbos

Een speciaal verhaaltje voor Braydon

Met grote snelheid reed Braydon over de weg. Het leek mee of hij gleed! Op zijn hoofd voelde hij de helm stevig zitten. Aan zijn handen had hij mooie zwarte handschoenen. Even keek hij naar de glimmende rode tank tussen zijn benen, om daarna direct weer op de weg te kijken. Wat was dit genieten! Zijn brandweerrode motor voerde hem langs weilanden en beekjes. Vogels vlogen verschrikt op als hij op zijn snelle racer voorbij zoefde. Hij reed en reed maar door, aan de weg leek geen einde te komen. Braydon had een heel fijn gevoel en het leek alsof hij alleen op de wereld was. Hij alleen met zijn motor. Hij zag geen auto op de weg, ook geen andere motoren of fietsers. Het leek echt of hij helemaal alleen was. Dat was toch ook wel een beetje raar. Maar hij dacht er niet lang over na, draaide het gas nog iets verder open en zoefde nog harder over de eindeloze weg met de flauwe bochten die hij heel soepel nam. 

“Het Monsterbos” verder lezen